Professoressa Sargentini, onderzoekster aan het departement Zoölogie in Firenze:
“Ik vond de Chianina altijd al fascinerend”
Professoressa Sargentini groeide op in Bettolle, een klein dorp in Valdichiana. Haar interesse voor het Chianinaras komt voort uit de grote traditie die in de streek rond het dier bestaat. Samen met een team van een twintigtal onderzoekers probeert ze de Chianinakoe in kaart te brengen.
Welk soort onderzoek rond de Chianina doet u aan de universiteit van Firenze?
Er zijn altijd een twintigtal onderzoekers bezig met de Chianina, verspreid over verschillende projecten. We zijn bijvoorbeeld bezig met karkassenonderzoek. Daaruit blijkt dat de karkassen van de vleeskoeien in Midden-Europa veel kwalitatiever zijn dan die van de Chianina. Dan zoeken we uit hoe dat komt. Vroeger werd de Chianina gebruikt om op het veld te werken, daardoor evolueerde haar lichaam en kreeg ze langere poten met kortere spieren en een afgerond bekken. Nu is dat zonder meer een nadeel, maar door selectie probeert men die kenmerken weer te veranderen. We voeren ook experimenten uit. Zo verdiepen we ons in het metabolisme van de Chianianrunderen. Welnu, dan experimenteren we met het voedsel van de dieren in private boerderijen.
|
|
Is de Chianina nog aan het ontwikkelen?
Ja, alle dieren blijven zich ontwikkelen. Dat zien we heel duidelijk als we vergelijken met soortgelijke runderen in het buitenland. Ons departement is bezig met tropisch onderzoek. De Chianina heeft zich in de loop der jaren verspreid over heel de wereld. Ze is bijvoorbeeld heel prominent aanwezig in Noord-Brazilië. We zien dat de koe daar anders evolueert, omdat ze in een ander klimaat met een andere vegetatie leeft. De poten blijven daar bijvoorbeeld wel lang, omdat het voedsel makkelijker te eten is als ze groter zijn.
Hoe ziet u de toekomst van de Chianinakoe?
Positief. Meer nog, de Chianina is voor mij het enige lichtpunt in de toekomst van de dierkundige sector. Het vlees van de koe is een product dat mag geëerd worden. De koe heeft weinig vet dat ook nog eens van een goede samenstelling is. De consument hecht steeds meer belang aan wat hij eet, dus er is zeker een markt voor de Chianina.
| |
Is het dan een superieur ras?
(lacht) Ik zal het zo stellen: ‘Elk ras heeft zijn karakteristieken.' Zeker de rassen waarmee men aan selectie doet en die binnen een afgebakend territorium leven, hebben kans om heel kwalitatief te zijn. Maar de kwaliteit van het vlees wordt niet alleen bepaald door de genetische kenmerken van de koe. Hun voedsel, verblijfplaats en de manier van slachten zijn minstens even belangrijk. Als de Chianinakoe de nodige zorgen krijgt, dan is ze zowel esthetisch als morfologisch een prachtbeest. Het ras heeft veel potentieel en als wij als universiteit daartoe een stukje kunnen bijdragen, ben ik heel gelukkig.
Wilde u als klein meisje al met de Chianina werken?
Ja en nee. Ik vond de Chianina altijd al fascinerend. Ik ben opgegroeid in Bettolle, op het platteland. Mijn grootvader was boer en mijn vader, een leraar, was zijn hele leven lang geboeid door de boerenstiel.Op die manier kwam ik al heel snel in contact met de Chianina. Toen ik ging studeren, werd mijn interesse voor de koe verder aangewakkerd. Ik geloof dat mijn keuze ook wel traditioneel is bepaald. Want bij iedereen in de streek ligt het ras nauw aan het hart.
sbe
back |